High Trust moet geen kartelschaar worden
  
In de afgelopen dagen heb ik mij bezig gehouden met het afronden van de kroniek over de NMa-praktijk in 2009 voor het tijdschrift Markt & Mededinging. In dat kader van zo’n kroniek wordt van je verlangd om trends te signaleren.   
De belangrijkste trend die ik in 2009 kon ontwaren was dat er eigenlijk maar twee kartels zijn beboet, zij het in meer besluiten: het Brabantse schilderskartel en het zwembadchloorkartel. Het is begrijpelijk, bij een dergelijk laag aantal boetebesluiten over overtredingen van de materiële bepalingen, dat de NMa in haar jaarbericht expliciteert dat de boete-opbrengsten over de afgelopen jaren ver uitstijgen boven de kosten van het toezichtapparaat. Ik meen dat dat niet het doel kan zijn van het mededingingsbeleid en zo zal die opmerking ook wel niet bedoeld zijn.
Ik denk dat het aantal boetebesluiten een uitvloeisel is van het ook door “het beleid” (EZ dus) voorgestane high trust beleid (een lagere onderzoeksinspanning gepaard aan zware sancties). Ik heb mijn sterke twijfels of hoge straffen met een lage pakkans inderdaad een teruggang van het aantal kartels zullen betekenen. Uit eigen ervaring weet ik dat hoge boetes voor snelheidsovertredingen, maar met een lage pakkans, minder disciplinerend werken dan trajectcontrole met een 100% pakkans.
En opeens moest ik bij high trust aan de kartelschaar denken.
Vroeger, toen mensen nog dachten dat het goed zou zijn als ik mij met handvaardigheid bezig zou houden, mocht ik nog wel eens iets knippen met zo’n kartelschaar. Het effect van die schaar is dat hoe meer je knipt, hoe meer kartels er ontstaan. High trust bergt, als je het veel gebruikt, het gevaar in zich van de kartelschaar.
Om die karteltjes te voorkomen dient te NMa de vrijgekomen onderzoekscapaciteit in te zetten om royaal informele zienswijzen af te geven, om zodoende de rafeltjes van risicovolle overeenkomsten bij te knippen. Trust me, informele zienswijzen worden niet gevraagd omdat ondernemingen de NMa dwars willen zitten, maar omdat zij serieus willen weten of zij het hoge vertrouwen dat de NMa in haar speelveld stelt, werkelijk waard zijn.
 
Cees Dekker
Zwolle, maart 2010